Home / Nieuws / Varia / Warre Borgmans heeft een boon voor Louisa

Warre Borgmans heeft een boon voor Louisa

‘Louisa, Een Woord van Liefde’ (1972) heeft toch altijd wel iets speciaals heeft betekend, omdat de film over vriendschap gaat en over, ik dacht, twee mannen die dezelfde vrouw liefhebben zonder dat daar veel afgunst in het spel was.  Wat ze precies deden, dat is vervaagd.  Maar ik weet dat ik sindsdien niet meer met een dergelijk warm gevoel de bioscoop heb verlaten na het zien van een Vlaamse film. De affiche was gebaseerd op dat beroemde schilderij, ‘Déjeuner sur L’Herbe’ van Edouard Manet.

Ik dacht dat Ann Christy de titelmelodie zong.  Ik hoor het haar zo nog zingen: (uit  volle borst aan) ‘Een Woord van Lieeeeefdeeee,…’ Het was met Roger Van Hool en een andere belangrijke acteur.  Ik weet niet meer wie het is.  Het was niet Jan Decleir.  Of toch? Wie? André Van den Heuvel? Tja.  Ik wist het niet meer. Zat Hugo Metsers daar ook in, zeg je?  Vreemd, die herinner ik me niet. Willeke Van Ammelrooy natuurlijk wel.  Ze was een erg mooie vrouw. Het zal bij mezelf wellicht ook de seksuele ontluiking geweest zijn die me parten speelde, en die mij ook prikkelde natuurlijk. In die tijd was een naakte vrouw in een film nog niet echt voor de hand liggend. We hadden toen wel, een paar jaar ervoor, de Stijn Streuvelsfilm gehad, ‘Mira’. Maar ‘Louisa, Een Woord van Liefde’ herinner ik me vooral als een hele zachte film. Over vriendschap gewoon.  Ik geloof dat ik hem gezien heb in den Berchem Palace in Berchem.  Dat is nu Galerij Campo, maar vroeger was daar dus een cinema, en jaren aan een stuk ging ik daar helemaal alleen naartoe.  Op zondagavond, geloof ik.  Dan pakte ik in Mortsel de tram, de 7 of de 15, en dan reed ik tot aan de cinema.  En dan was ik nog op een convenabel uur thuis ook (lacht).  Ik was toen 17 jaar.”

“Voor mij was het ook een eerste kennismaking met de Vlaamse film.  Het feit dat Vlamingen ook in een film speelden, dat kende ik niet.  Wij hadden tv-feuilletons, ‘Kapitein Zeppos’ en ‘Fabian van Fallada’, maar dat ze ook in een echte film speelden, dat was vrij nieuw voor mij.  Want Harry Kümel en zo, Roland Verhavert, ‘Meeuwen Sterven in de Haven’ en dergelijke dingen, dat was onduidelijker voor mij.  Dat waren films waar ik niet naartoe ging. Ik had ook eigenlijk best een film met Jan Decleir kunnen noemen, want ik heb hem natuurlijk ook in ettelijke fantastische rollen gezien.  Bijvoorbeeld ‘Vrijdag’.  Dat was de eerste film waarin Frank Aendenboom een grote rol in speelde, die wij toen vooral kenden als een nogal bombastisch theateracteur, en die daar ineens een hele ingetogen figuur speelde.  In acteursland schrok men ervan dat Frank Aendenboom die rol speelde. Maar dat was een heel knappe vertolking van hem.”

“Een filmavond betekent voor mij dikwijls de laatste vertoning in de Metropolis hier, waar het dan ook stinkt van de popcorn.  Ja, er zijn veel vlekken op het blazoen van de film gekomen.  Ik hield van de bioscoop waar het doek openging en eerst de film nog op het gordijn scheen en waar je voor de film nog het Antwerps nieuws te zien kreeg.  Daar heb ik echt een nostalgisch genoegen aan.  Toen de Metropolis ontstond, en je opeens in heel kwalitatieve omstandigheden een film kon bekijken, vond ik dat aanvankelijk best wel indrukwekkend.  Ondertussen vind ik dat we door het geoptimaliseerde geluid een beetje worden weggeblazen.  Ik heb nog de periode meegemaakt van de Ingmar Bergmans, zoals ‘Scènes uit een Huwelijksleven’, ‘Herfstsonate’, de films van Ken Loach die in de cinema werden vertoond, daar heb ik ook enorm goeie herinneringen aan.  De Franse knappe films zoals ‘Le Vieux Fusil’ of Coup de Torchon’, of ‘Les Valseuses’, of de films van Lina Wertmüller met Giancarlo Giannini, dat zijn voor mij op algemeen filmgebied dé grote herinneringen.  Omdat ik toen ook op de toneelschool zat en dat waren films die je van je stoel bliezen.  Die worden niet meer gemaakt.  Als je alleen nog maar naar de Franse films ziet, ‘La Grande Bouffe’ of ‘Vincent, François, Paul et Les Autres’, een film over vriendschap.  De tijd van de filmsterren die tot de verbeelding spraken is ook vervlogen.  Een Philippe Noiret, Marcello Mastroianni, Yves Montand, Serge Raggiani, om nog niet te spreken van een Fernandel bijvoorbeeld (lacht). Of iemand als een Yves Simon.  Een lelijke mens eigenlijk.  Ik bewaar nog altijd een oud interview met hem dat toentertijd in Humo is verschenen is.  De titel van het interview was: ‘De Imbeciliteit om ons heen laat ons geen enkele hoop.’ Dat is een interview van zeker wel dertig jaar geleden.  En mocht hij nog leven, hij zou nu nog altijd hetzelfde zeggen, denk ik.”

 

Bekijk ook

Bilall Fallah over ‘Hashtag’

Ongelooflijk eigenlijk dat ze er nog tijd voor kunnen maken. Voor het draaien van een …