Home / Nieuws / Festivals / IKL : ‘Danse Macabre’ van Michael Van Ostade

IKL : ‘Danse Macabre’ van Michael Van Ostade

Let op onze woorden : als ‘De Slimste Mens’ binnen tien jaar nog bestaat en kandidaten moeten vijf Vlaamse regisseurs noemen, dan zal de naam Michael Van Ostade gegarandeerd in de antwoorden voorkomen.  Gedreven, getalenteerd en een durver. Al heel snel winnaar van een VAF Wildcard en hier op het IKL met het resultaat van die prijs.  Wie mee wil blijven, moet zijn werk zien.

1) Waarom hebt u deze kortfilm gemaakt? Wat wilde u vertellen?

Ik ga trachten niet teveel te antwoorden met ‘ik’, gezien film een samenkomst is van een collectief aan talenten, tenzij het over persoonlijke dingen gaat. Onze (Andrew en ik) vorige kortfilm, ‘Songs from the Outside’, vond een groot publiek bij jongeren. Dat hadden we initieel niet verwacht. Bij nader inzicht is dat erg logisch. De films waarop die kortfilm was gebaseerd zou je terug kunnen vinden in de oude witte Billy IKEA kast vol VHS tapes die stond in onze speelkamer als kinderen. ‘The Goonies’, ‘E.T’, ‘Star Wars’, ‘Indiana Jones’, ‘Gremlins’, ‘Ghostbusters’, … stuk voor stuk films die onze cinema-geest gevormd hebben, lang voor we in contact kwamen met de Jean Luc Godard’s en Truffaut’s van de wereld.

Die bouwstenen vormen de fundamenten van onze liefde voor film en we wouden terug keren naar die magische kijk op cinema. Daarom, een jeugdfilm! Samen met mijn broer Andrew, begonnen we te schrijven. We wilden iets vertellen over die mysterieuze tijd van het schoolgaan. De donkere, grote, lange gangen die als een labyrinth in elkaar staken, inclusief verborgen deurtjes, de angst die je had voor de authoritaire figuren en het gevoel dat er niets groter bestaat in het leven dan het instituut ‘school.’ Als je plots naar de hoofdmeester moest, die angst die je voelde, het gevoel dat heel je wereld in elkaar stort, terwijl het maar een simpel gesprek zou zijn. Die essentie zit in ‘Danse Macabre’.

Dat gecombineerd met het taboe van praten over de ‘dood’. Er wordt te weinig over ‘dood gaan’ en ‘sterven’ gepraat met kinderen. We vonden het een leuk idee dat er een school zou bestaan die daar actief mee bezig is. Je zou de dood al op voorhand kunnen ontmoeten, zodat het ijs gebroken is als je tijd echt is aangekomen. Om die angst weg te nemen, want die is voor niets nodig.

Toen de Danse Macabre als kunst stroming was ontstaan maakten kunstenaars allerlei schilderijen en kunstwerken om de dood te tonen, dansend tussen het gewone volk. Het sterftecijfer lag zo hoog dat het niet uitmaakte of je adel was of boer, iedereen sterft. Dat hebben we doorgetrokken naar een allegorisch sprookje voor jongeren.

2) Wat is de synopsis/pitch van uw film?

Om echt te kunnen leven, moet je de dood in de ogen durven staren. ‘Danse Macabre’ is een jeugdig avontuur over een bang, jong meisje, Esther, die alles in haar macht doet om zelfs niet vluchtig te hoeven kijken. Ze loopt weg van haar verplichting dat op zijn beurt een reeks vreemde ontmoetingen teweeg brengt. Een verhaal over de angst van het ongekende en de aanvaarding van het onvermijdelijke, ‘Danse Macabre’ is een fantastische kijk op het leven op school.

 

3) Hoe hebt u uw cast en crew gevonden?

Toen het schrijven klaar was moest ik afscheid nemen van Andrew gezien die op tour ging met Jan Fabre’s ‘Mount Olympus’. Hij zou als een creative consultant verder gaan. De eerste crewmember die echt vast stond was mijn steadicammer Nils Valkenborgh. Die had mij in contact gebracht met Hans Bruch Jr. Na vele koffietjes en praatjes over pellicule, Panavision lenzen etc… bracht die mij samen met scenario begeleider Gust Van Den Berghe in contact met Mindsmeet. Daar leerde ik Tomas Leyers en Marc Goyens kennen. Twee schatjes van patatjes. Ik heb het al vaker gezegd. Minds Meet is geen productiehuis, maar een productiethuis.

Hans Bruch Jr.

Een niet te onderschatten schakel was Liza Shevchuk, in eerste plaats goede vrienden, maar ook een enorm talentvolle production designer. Ze had al heel wat werk met ons gedaan voor videoclips en heeft heel de wereld van ‘Danse Macabre’ tot leven gebracht. Met de hand genaaide uniformen, 3 meter hoge standbeelden, zelfgemaakte schilderijen, alles tot in de puntjes uitgewerkt. Ze is meester in haar vak en is mijn go-to-gal.

Ik had als regisseur nog niet veel met kinderen gewerkt, dus daar zat een echte uitdaging. Get out of your comfort zone. We hebben castings gehouden voor Esther, maar hebben ook heel wat andere talentjes gevonden. Misschien was niet iedereen geschikt voor Esther, maar wel perfect voor een andere rol. De rol van Esther ging uiteindelijk naar Alix Cale. Ik had al een goed gevoel bij haar vanaf het begin. Ze speelde jammergenoeg vaak een ‘trieste’ rol in andere kortfilms, dat terwijl ze een betoverende glimlach had. Haar horen lachen in de auditie deed me inzien dat Esther ook niet één brok tristesse moest zijn.

Hadewieg werd gespeeld door Arthur Dhont (Billy The Bully). Dat zat van minuut één goed. Op zo’n jonge leeftijd heeft hij al een erg goed gevoel voor komische timing en we hadden het niet beter kunnen hebben, zeker omdat het geen eenvoudige rol was.

 

 

De volwassenen warden ingevuld door mensen die we al kenden. Maarten Mertens had het scenario in een vroege vorm nog begeleid en was helemaal mee met het project. Dolores Bouckaert hebben we al vaker gevraagd gewoon omdat ze het zo verdomd goed doet! Kirsten Pieters kende we van Abattoir Fermé en leek ons een goed alternatief voor de typische ‘mannelijke macho gymleerkracht’.

4) Hoe bent u er in geslaagd uw film te financieren? 

Deze film is gefinancierd met de Wildcard die ik in 2012 won met mijn bachelorfilm ‘Nigredo’. Dat is dus 60.000 euro. Dat werd nog eens aangevuld met Tax Shelter geld. Het lijken veel centen voor kortfilm, maar er is altijd te weinig geld. Ik vond het belangrijk dat crew betaald werd. Als student kan je rekenen op de goodwill van je crew, maar als je in het echte wereldje terecht komt moet je de industrie stimuleren. Als iedereen gratis werkt, gaat die industrie kapot. Dan nog hebben we op heel wat goodwill van mensen moeten rekenen voor onder hun prijs te werken etc…

Het is iets dat we allemaal kennen, de befaamde mails met grootse plannen gevolgd door de zin: “Maar er is wel weinig/geen budget”. Hier was nu wel een budget, een matig budget.

 

 

5) Waar hebt u gedraaid?

Heel de film is in Antwerpen gedraaid. We zijn op zoek gegaan naar heel wat scholen, op zoek naar locaties met een bepaalde old school charme. Uiteindelijk zijn we in het Dames college beland. Een prachtig oud gebouw dat jammergenoeg binnenkort zijn deuren gaat sluiten. Aanvullend hebben we in campus Sint-Jan Berchmans gedraaid. Daar is een gymlokaal dat voordien een oude kerk was. Een enorm betoverende locatie! Ik heb daar heel mijn humaniora gezeten.

6) Wat betekent voor u de selectie voor het IKL?

Het is een manier voor mensen om de film te zien en daar draait het allemaal om.

7) Is er eerder een film van u geselecteerd voor het festival in Leuven?

Dit is de eerste keer dat ik met de competitie mee doe. ‘Songs from the Outside’ had in 2013 een éénmalige vertoning gezien de lengte van die film. ‘Nigredo’, de film waar ik de wildcard mee won, werd niet vertoond op IKL.

8) Waarom moeten mensen uw film zien?

Niemand moet iets, maar als je zin hebt in puur avontuur in een knotsgekke wereld, even weg van al de myserie, dan beloven we een glimlach op je gezicht te toveren.

 

9) Wat is voor u het droomparcours voor uw film? Waar wilt u hem nog vertoond zien?

Festivals zijn tof, maar als mensen hem gewoon kunnen zien ben ik al een enorm blij man.
10) Is het maken van een kortfilm een stap in de richting van het langere werk? Of wat is uw uiteindelijke ambitie?

‘Danse Macabre’ was eigenlijk een soort test-run voor onze langspeler die we zijn aan het ontwikkelen. Samen met broer Andrew hebben we vorig jaar scenariosteun ontvangen van het VAF voor het uitschrijven van een fictiefilm. Dat project heet ‘De Gebroeders Schimm’, een griezelavonturenfilm voor jong en oud overgoten met een soort Roald-Dahl-esque sausje.

Alles dat we uit ‘Danse Macabre’ le(er)den, passen we toe op ‘De Gebroeders Schimm’. Ik word al helemaal blij als ik denk aan die film. Wij willen jeugdfilms maken die het jonge publiek uitdaagt. Onderschat kinderen niet, ze kunnen veel meer aan dan je denkt.

11) Hebt u een site? Een facebookpagina? Zo ja, welke?

De trailer kan je HIER bekijken.  Mijn persoonlijke website is www.bearwithme.be
Een pagina voor de film is in de maak!

 

Zie ook :

Michael Van Ostade over ‘Nigredo’

Bekijk ook

Goden van Molenbeek

Vanaf woensdag 20 maart is de documentaire ‘Goden van Molenbeek’ in de bioscoop te zien. …