Brian Clifton componeert ‘Bingo’ : een gesprek

Brian Clifton, de naam klinkt de modale Vlaamse filmliefhebber misschien niet bekend in de oren en toch is de man al meer dan 25 jaar bezig als filmcomponist.  De helft van die tijd zat hij wel in Hollywood, in de tijd dat de virtuele snelweg tussen de verschillende werelddelen nog niet was aangelegd, en was het minder makkelijk om zijn activiteiten te volgen.  Maar dat heeft hem nooit belet om met mensen als Robbe De Hert, Frans Buyens en Rudolf Mestdagh te werken.  Hij heeft nog altijd een agente in Los Angeles, maar is al een hele tijd terug in België.  Momenteel is hij druk bezig met de filmscore van ‘Bingo’ en ook nog een Nederlandse langspeelfilm.

O, en bent u zo iemand die per se wil weten waarom hij Clifton heet als hij dan toch zo Belgisch is, dan handelen we meteen even deze kwestie af, voor we aan het interview beginnen.  Brian Clifton is zijn derde naam. Zijn eerste was Dirk Thyssens. Tenminste, dat is de naam die hij kreeg toen hij op 22 maart 1962 te Antwerpen werd geboren. Later werd hij geadopteerd en mocht hij onder de naam Dirk Pilaet door het leven. Zijn  adoptievader was ooit 4x zwaargewicht Belgisch bokskampioen geweest onder de naam Stan Clifton. Zijn gebruik van de naam Clifton komt van zijn ouders die in de jaren 1920 nog lid waren geweest van de beroemde ‘The Five Cliftons’, een vaudeville act die samen nog affiches heeft gedeeld met Charlie Chaplin, Sophie Tucker en The Mills BrothersBrian zocht, zoals de meeste zonen, zijn eerste schouderklopje bij z’n vader en dacht dit te bereiken door de naam Clifton opnieuw leven in te blazen. Verveeld door de Engelse klank van de naam Dirk (“sounds too much like jerk”) en als jonge drummer steeds geïnspireerd door de drumsolo ‘Little B’ van Brian Bennett van The Shadows, werd de naam Brian Clifton geboren.

 

Ziezo, nu deze kwestie is uitgeklaard, kunnen we eraan beginnen.  We stelden Brian tien vragen en kregen evenveel antwoorden terug.

 

Je bent al heel lang bezig met het componeren van filmmuziek.  Hoe lang eigenlijk al?

Clifton : “Mijn eerste filmmuziek die daadwerkelijk onder filmbeelden is terecht gekomen, deert van 1986.  Dat was voor een mini-serie van de toenmalige BRT, genaamd ‘De Dwaling’ van regisseur Vincent Rouffaer.”

 

Kan je echt goed leven van die job?  Doe je ook veel commercieel werk (reclame en dergelijke)?

Clifton :  “Ik voel me het best op m’n plaats onder de benoeming ‘drama-componist’, wat een iets ruimer creatief terrein is als alleen maar dat van filmcomponist.  Bvb. : Toen ik vorig jaar gevraagd werd om voor 2011-2014 de nieuwe Jupiler ProLeague voetbalhymne te componeren, heb ik die opdracht met dezelfde creatieve intuïties benaderd die ik hanteer bij het creëren van mijn filmmuziek, en toch kan je dit geen filmmuziek noemen omdat het niet op een beeld is geschreven.  Maar je voelt in die Hymne zo de filmische link met een Diego Maradona die van de ene kant van het veld tegen alle verwachtingen in, spectaculair iedereen voorbij dribbelt tot aan de overkant, en dan nog een onwaarschijnlijke goal scoort.  Ook de opdracht om een Sinfonieta te schrijven voor bij een kunstboek van Marc de Bel en Kris Snoeck, had iets van klassiek componist mogen spelen.”

“Idem voor reclame en bedrijfsfilms, zoals je vraagt, al is dat dan weer wel onder beeld gemaakt, en toch weer niet echt filmmuziek te noemen.  Ik heb me al sterk kunnen uitleven in het schrijven voor imagofilms van grote bedrijven zoals Infrabel, Bridgestone en StageTec : dat zijn geen saaie infofilmpjes, maar die willen echt gebruik maken van de grote cinemataal, en trekken daar dan ook schitterende jonge opkomende talenten mee aan, zoals Inti Calfat en Piet Deyaert. Dus wat is “goed leven van” ?  Ik heb van m’n hobby m’n beroep gemaakt, en doe dit al sinds m’n 23ste, dus dat lijkt mij al een hele luxe.”

 

Je hebt een hele tijd in Hollywood gewoond en gewerkt. Is het beter werken daar?

Clifton : “Als je tussen het werken een pauze neemt en je gaat even naar buiten, dan is het qua klimaat inderdaad beter werken in Hollywood.  Maar je hebt het waarschijnlijk over het werkklimaat ginder…  Goh, moeilijke vraag, vooral omdat niet alleen de industrie hier zoals wel ginder fel veranderd zijn en ik ook niet meer dezelfde ben als toen ik aan de andere kant van de oceaan zat.  Mocht ik nu terug in Los Angeles arriveren, ik zou het in ieder geval heel anders aanpakken. Kenmerkend voor Hollywood en hun componisten, in tegenstelling tot hier, is : they’ll always get the best money can buy, en daar is veel mee gezegd.  Nog een groot verschil, zoals ik ginder ervaarde, is dat filmmuziek in Los Angeles meer bij het technische departement wordt gerekend, daar waar ik de filmmuziek dikwijls de meest echt artistieke bijdrage durf te noemen.”

 

Als we echt een idee willen hebben van wat Brian Clifton als componist te bieden heeft, naar welke film moeten we ‘luisteren’?

Clifton : “Ik denk dat ik aan dezelfde gezonde ziekte lijd als de meeste “echte” artiesten : mijn recentste werk draagt steeds het meeste en het beste van mijn passie en kunnen.  Ik ben zeer tevreden met het resultaat van de supereclectische soundtrack voor ‘Bingo’, een hilarische komedie met een Chaplin’esque muziek tintje, en pal daar tegenover staat het grootse symfonische Hollywood kinda’ scoring die de Nederlandse regisseur, Martin Lagestee, van me vraagt voor zijn spannende ‘Bobby en de Geestenjagers’.  In beide soundtracks vind je het meest karakteristieke van mijn stijl terug, en dat is de variëteit en melodische kracht.  Ik ben ook nog steeds fier op mijn score voor Frans Buyens’ cult classic Minder Dood Dan De Anderen’, al steken niet alle schitterende muziekfragmenten in de film, maar dat was dan ook het gevolg van de zeer ongewone creatieve afspraak en samenwerking die ik had met Buyens.”

 

Is er voor jou veel concurrentie op de Belgische markt?

Clifton : “Ik ben veeeeeel te weinig bezig met wat en wie er daar buiten allemaal “bougeert”, commercieel gezien absoluut verkeerd van me.  Het zelfbeeld dat ik heb is dat van een componist in een ivoren toren en ik geraak daar zelf maar niet uit.  Het is wat het is. Ik mag niet klagen. Maar ik hoor zeker en vast sterk werk van m’n collega- componisten.”

 

U componeert nu onder meer de muziek voor ‘Bingo’ van Rudi Van den Bossche.  Een lowbudget-productie.  Wordt er doorgaans genoeg budget uitgetrokken voor de filmmuziek?

Clifton : “Oh dear, what a loaded gun question (lacht).  Maar  in ‘t kort : absoluut niet !  En in verhouding had ‘Bingo’ een meer dan redelijk muziekbudget.  Ik heb in Hollywood wel geleerd hoe we het Belgische soundtrack niveau nog naar boven kunnen trekken, but hey, it takes two to tango…

Muziek voor een komedie is anders dan voor een thriller of een tragedie.  Zijn er bepaalde genres waarin de muziek nog belangrijker is dan in andere? En hoe is het om muziek te schrijven voor een komedie?

Clifton : “De belangrijkheid van muziek voor een film wordt volgens mij niet bepaald door het genre maar door het feit of je met een regisseur werkt die de kracht van filmmuziek begrijpt.  Als een regisseur kan inschatten wat de muziek voor zijn film kan doen, zal hij vanzelf genoeg respect betonen.  Maar zoals je zelden een acteur een Oscar ziet krijgen voor een komische rol, zo vind ik ook dat muziek voor een komedie schrijven zwaar wordt onderschat. Wat het best werkt voor een komische scène is dikwijls veel minder evident om te vinden dan wat je nodig hebt voor vele voor de hand liggende scènes uit andere genres.”

 

Hoe verloopt de samenwerking met Rudi Van den Bossche?

Clifton : “Ten eerste hebben in het verleden we al aardig wat beelden en muziek samen gemaakt.  Ik ken Rudi en z’n muzikale smaak goed, en onze creatieve dialogen zouden een masterclass op zich kunnen zijn (lacht). Rudi heeft ook de guts om een film te monteren zonder een temp track (temporary track = voorlopige muziek) zodat zowel hij als de componist echt naar een blank canvas kunnen toestappen.  Ik snap de voordelen en de noodzaak wel van temp tracks, maar de nadelen zijn eveneens effectief. Je zal nooit iemand horen zeggen dat hij niet van muziek houdt, zoals je ook nooit “nee” zal horen op de vraag “hou je van kinderen?”  (lacht). Maar toch is het zo dat de ene regisseur al wat gevoeliger is voor muziek dan de andere : Rudi houdt echt van muziek, en een regisseur die van muziek houdt is voor  elke componist inspirerend om voor te schrijven.”

 

Zoals u zei bent u momenteel ook muziek aan het schrijven voor een Nederlandse film.  Voor een componist zijn er in feite geen taalgrenzen.  Is dat in de praktijk ook zo?  Krijgt u uw muziek vlot verkocht in het buitenland?

Clifton : “Dat is inderdaad een voordeel van de internationale taal die muziek is.  Maar oei, de woorden “verkocht” en “Brian Clifton” in 1 zin, dat rammelt.  Waarmee ik vermoedelijk je vraag beantwoord heb.”

Wat is je ambitie?

Clifton met Ennio Morricone

Clifton : “Ik zou eens het “juiste” project willen zien passeren waar de regisseur mee de unieke werkmethode van Sergio Leone – Ennio Morricone durft te avonturen, want dit heeft ons al even uniek “grote cinema” gegeven.  Ik heb het dus over muziek van in den beginne bij de productie betrekken tot het punt waar de regisseur de muziek ook dramatisch gebruikt op de set. Dromen is niet verboden, maar tot dan hoop ik in dezelfde lijn te kunnen blijven werken als de laatste jaren.  Ik ben continu bezig, en dat is van essentieel belang voor een componist.  Dus je hoort me niet klagen.”

 

Zie ook :

Alles over ‘Bingo’

(foto Jean-Paul Moerman)

 

Bekijk ook

2022: A New Dawn voor film van bij ons!

2022 was een prachtjaar voor de Belgische cinema. In Cannes waren we rijkelijk aanwezig en …