‘Cells’ van Wil Mathijs naar het prestigieuze FIFA

De ene festivalselectie is de andere niet.  We zien aan de lopende band films geselecteerd worden voor festivals over de hele wereld. En soms is het moeilijk om in te schatten of zo’n selectie wel wat waard is.  Aan de euforie af te lezen die Wil Mathijs is overvallen toen bekend geraakte dat zijn documentaire, ‘Cells’, voor het Canadese FIFA was geselecteerd, kunnen we alleen maar afleiden dat die selectie echt wel bijzonder is. Het Fifa (Festival International du Film sur l’art – International Festival on Films on Art) vindt voor 33ste keer plaats in Montreal van 19 tot 29 maart 2015.  In zijn documentaire volgt Mathijs de kunstenaar Martin Uit den Bogaard, die levende cellen verzamelt om er kunstwerken mee te maken.  Blijkt al vlug dat zijn film over veel meer gaat.  Met de nodige humor vertelt hij over hoe mensen zelfs na hun dood beknot worden in hun vrijheid. Somber werd hij er niet van.  Integendeel.  Wil zit op wolken. We polsten even bij de gelukkige man.

– Een heel prestigieus festival blijkbaar, die FIFA. Hoe ben je geselecteerd geraakt?

Ik heb gewoon de film ingestuurd.

– Wat betekent die selectie voor je film?

Het FIFA is voor de kunstfilm wat het Cannes voor de Art House is. Het is het belangrijkste festival voor ‘Cells’ en alle kunstfilms. Een selectie is eigenlijk al een beetje een prijs op zich, zeker als je weet hoeveel inzendingen er jaarlijks zijn en dat er maar enkele films uiteindelijk in competitie geselecteerd worden. Anderzijds betekent zo’n selectie ook dat de film wel enige betekenis of waarde moet hebben, wat mijn zelfvertrouwen als beginnend regisseur wel iets sterker maakt. Soms heb ik niet genoeg afstand en meestal wil ik de dingen meteen wissen als ze klaar zijn. Gelukkig heb ik mensen rond me die me daarvan weerhouden, soms fysiek. Films maken is uiteindelijk toch een eenzame bezigheid en vaak zit ik vol twijfels.

– Ga je er ook naartoe, word je uitgenodigd?

Ik vermoed van wel. Nog geen nieuws hierover. Normaal worden alle regisseurs in officiële competitie uitgenodigd. En als ik geld heb wil ik er uiteraard naar toe.

– Heeft de film in eigen land uiteindelijk gedaan wat je ervan gehoopt had?

Dat zou beter gemogen hebben. We hebben zelf de distributie en promotie voor de zaalrelease moeten doen aangezien de aangesproken distributeurs de film weliswaar sterk vonden en vooral complimenten gaven, maar evenzeer de film niet durfden te releasen omdat hij te klein is, en te weinig publiek zou bereiken voor hun cijfers, wat ik wel begrijp. Het risico van de investering was te groot. Dus nam ik dat risico. Ik wilde het wel mogelijk maken dat de mensen de film in de zaal konden gaan zien en daarom hebben we de sprong gewaagd en alles weer zelf gedaan, tot affiches plakken toe. In Gent viel dat tegen. Daar heeft een affichagefirma onze promo op 47 plekken geboycot omdat we geen klant waren van hen. De strijd op de beste plek op een cafemuur is blijkbaar hard. Wij hebben onze aan de plak-deontologie gehouden maar die firma trok zich daar weinig van aan. Hun naam is dan ook niet voor niets “Gelezen en Goedgekeurd”. Ze zouden ons terugbellen met een voorstel om het goed te maken, maar daar hebben we niets meer van gehoord… Anderzijds is de pers niet makkelijk. De film is daar niet hapklaar genoeg voor. Maar de pers die er was voor deze eerste langspeler, was lovend. Ook aan de Franstalige kant. De uitbaters behandelen echter de kleinste onder de kleine films vaak nog stiefmoederlijk en geven alle aandacht aan de grote art house films van de bekende distributeurs die in de zaalvitrines vaste plaatsen hebben. Dat is begrijpelijk, maar ergens ook niet. De uitbaters, die ook meestal ook hun 50% van de boxoffice hebben, zouden dus ook in hun eigen belang beter wat meer ruimte geven aan een kleine film die moeilijk zijn publiek bereikt dan aan de grote films waarvan toch al iedereen weet door de massale belangstelling.
Maar ik ben tevreden met de samenwerking met de zalen, en van cijfers heb ik nooit veel verwacht voor deze film. Ik heb deze film gemaakt omwille van de film, niet omwille van de bankrekening.

Daarbij valt op te merken dat de release in november in de Vlaamse en Brusselse art house zalen (6 in totaal) ook meteen samenviel met de eerste koude van het jaar. Iedereen bleef met zijn gat aan de stoof zitten! Als ik zelf in primetime naar grote arthouse films ging kijken zat er vaak maar 4 of 6 man in de zaal. Dus ik ben eigenlijk wel tevreden met de opkomst voor CELLS.

– Heeft de film elders in het buitenland al een parcours afgelegd?

Hij werd 4 weken gedraaid in Cinema Bellevaux Art & Essay in Lausanne, waar ik hem mocht gaan voorstellen. Blij dat men hem daar heeft opgepikt in een uiterst fijne selectie. De Zwitsers zijn een goed publiek, met een gevoel voor humor! In China is de film verboden, maar binnengesmokkeld. Momenteel lopen er onderhandelingen met een distributeur die de film meteen een erg warm hart toedroeg en wellicht de film op DVD/Blu Ray uitbrengt.

– Het blijft een moeilijk onderwerp. De film mag dan toegankelijk zijn, veel mensen durven geen kaartje te kopen. Nog geen spijt dat je geen toegankelijker onderwerp gekozen hebt?

Als ik naar de bankrekening kijk, heb ik misschien wel spijt. Maar zo’n film, over een onbekende kunstenaar. Een film die geen ode is aan het personage, maar hem kritisch probeert te bekijken, wat volgens critici origineel is. De meeste portretten zijn vaak liefdesverklaringen van de regisseur aan zijn personage, wat ik heb willen vermijden. Dat is niet makkelijk voor het publiek, afgezien van de thema’s die ons allemaal aangaan, de dood, onze sterfelijkheid en hoe we daarmee omgaan. Na een voorstelling kwam een vrouw uit het publiek naar me toe en ze zei: “Ik verloor mijn zoon toen hij 23 was, mijn man toen hij 43 was en ik? Ik mag verder, alleen, met mijn kanker”. Daar werd ik wel even stil van.

De volgende documentaire is in montage gegaan sinds maandag en ik denk dat die omwille van zijn toegankelijker en sociaal onderwerp het makkelijker zal hebben een publiek, wereldwijd te bereiken. Er gaan een paar kletsen gegeven worden.
– Wat heeft de film tot nu toe gedaan voor de men die je volgt in je film?

Voor Martin Uit den Bogaard is het uiteraard extra exposure en voor de andere Nederlandse kunstenaars in de film ook, Phil Bloom en Alder Mantje.
In Nederland is de film nog niet vertoond dus dat wordt afwachten. In Kortrijk loopt de film gekoppeld aan de tentoonstelling The Green Light District, waar ook werk van Uit den Bogaard getoond wordt.

Zie ook :

video-interview met Mathijs over de film

Mathijs beantwoordde onze nieuwjaarsvraagjes

Bekijk ook

Jonas Hollevoet over Arme jongen zo ver van huis!

Arme jongen zo ver van huis maakte onlangs nog deel uit van de Competitie voor …