Home / Nieuws / Interviews / Eerst een Magritte en dan een Oscar!

Eerst een Magritte en dan een Oscar!

“Ik verlang om eindelijk eens de gebroeders Dardenne de hand te schudden.”

 

Op een dag gebeurt er iets in je leven en niets is nog hetzelfde.  Michaël R. Roskam heeft het al een paar keer meegemaakt in het voorbije jaar.  Toen zijn film uitkwam, sprak plots iedereen erover en nog meer : iedereen wilde de film ook zien.  En toen begon de prijzenronde.  Eerst in het binnenland, met de Vlaamse Filmprijzen, dan in het buitenland, met prijzen op tal van festivals in de meest uiteenlopende landen.  En toen hij vond dat het nu wel goed was en dat hij maar weer eens aan de slag moest, kwam plotseling nog een tweede lading.  Negen nominaties voor de Magritte’s, de prijzen van de Franstalige filmwereld in ons land!!!  En alsof dat nog lang niet volstond, kwam daarna ook nog eens een kers voor de taart die eigenlijk al vol kersen lag.  Alleen was het een kers die misschien wel groter was dan de taart : een Oscar-nominatie voor de beste buitenlandse film!!!

Michaël R. Roskam doet heel hard zijn best om een gewoon mens te blijven en slaagt daar ook wonderwel in.  Al moet hij er moeite voor doen.  Want in tegenstelling tot de gewone mensen wordt iedere stap die hij zet gevolgd door een paar cameraploegen en fotografen.  Ook zo wanneer wij hem nog maar eens ontmoeten in de foyer van het Flageygebouw in Brussel.  Het Franse persagentschap AFP staat hem op te wachten met een cameraploeg, met een fotograaf en ze doen meteen ook opnamen voor Franse radiozenders over de hele wereld.  Ook Prime staat klaar met een cameraploeg.  En er staan nog ploegen aan te schuiven.  Het zijn de laatste kansen om Michaël nog op eigen bodem te spreken : begin volgende week vertrekken hij en zijn hoofdrolspeler Matthias Schoenaerts naar Amerika om de release van de film in Amerika te ondersteunen en om interviews te geven aan de Amerikaanse media.

Maar eerst nog een weekendje feesten, want dit weekend worden in Brussel ‘Les Magritte du Cinéma’ uitgereikt.

 

Het is nu zover, de Oscarnominatie.  Hoe is het nu?  Vermoedelijk heb je nu geen leven meer?

 

Michaël R. Roskam : Heel eerlijk, als ik alleen ben en ik denk er zo over na, dan vind ik het wel tof. Ja, het is wel plezant. Het is wel oké.  Alleen heb ik zo het gevoel dat mijn oud leven een beetje weg is (lacht). Niet dat ik daar op zich zoveel spijt van heb, maar het vervult me wel met enige melancholie.   Ja, er is een kantje gelukkig en vereerd en heel tevreden en er is ook een kantje melancholisch. Het is opeens zo groot, het trekt alles uit proportie.  Ik voel me een beetje ontwricht.  Mijn positie als mens is helemaal veranderd. Meestal heb je een evenwicht in je sociaal weefsel, maar nu zijn alle verhoudingen ineens anders. Ik word op de meest onvoorziene momenten aangeklampt door mensen die mij lijken te kennen, maar die ik niet ken.  Heel tof allemaal, je krijgt gelukwensen, proficiats, aandacht.  Ondanks het feit dat ik het begrijp, voelt het tegelijkertijd een beetje onnatuurlijk aan.  Ik ben nu heel filosofisch aan het doen, maar ik wil ook niet klagen. Want anders zeggen de mensen : ‘Nu mag hij eens naar de Oscars, iedereen droomt daarvan en mijnheer zit te treuren.’  Dus ik klaag niet.  Ik analyseer gewoon wat op me afkomt. En natuurlijk, aan de andere kant, als ik voor mezelf zeg : genomineerd voor een Oscar, dan voel ik zo een dikke smile op mijn gezicht komen (lacht).  Ik blijf het me afvragen : hoe is dat nu toch mogelijk?  Fantastisch!  Ongelooflijk!”

 

 

Ja, het is onvoorstelbaar hé.  Neem alle films van over de hele wereld en dan blijven er 5 over.

 

Michaël R. Roskam : “De hele wereld min Amerika (lacht), dat is een heel verschil.  Dat is maar de helft (lacht).  Ja, er waren 65 beste films uit allemaal verschillende landen.   En er zaten echte kleppers tussen.  Zoals ‘Tropa de Elite2’ en… Fin, nu vergeet ik er een paar.  Wat het allemaal nog leuker maakte, was dat onze film van in het begin de verrassing was.  Het begon al in België : Zou het ‘Rundskop’ worden of niet?  Ik dacht : het zullen wel de broertjes zijn.  Dat leek me de meest logische keuze zijn.  En dan word je verrast : ‘O fuck!  Wij zijn het!’  Oké ja.  En dan worden we opgepikt door een distributeur die er absoluut wil voor gaan : ‘Komaan, alles op alles! Je moet er zijn!  En dit… En dat…’  En ik dacht : ‘Oké, ik moet er toch zijn voor mijn persoonlijke carrière.  Waarom dan ook niet even ‘Rundskop’ wat steun geven?’  En dan sta je opeens in die’10 Director’s To Watch’-lijst van Variety, en dan voel je die buzz wel leven, en denk je : ‘Er is hier precies wel iets aan de hand.’  En je begint je af te vragen : ‘Zou het nu toch kunnen?’  Maar je weigert het te geloven : ‘Neen, toch niet.’  Maar je bent nog maar thuis of blijkt dat je op de shortlist staat.  En nog even later ben je genomineerd!”

 

 

Het houdt niet op hé.

 

Michaël R. Roskam : “Het is van een gekte, jong!  Maar het is vooral goed voor de film.  En wat ik ook wel tof vind is dat iedereen in België lijkt mee te leven.”

 

In de Vlaamse filmwereld praat iedereen erover alsof ze er allemaal een beetje deel van uitmaken.

 

Michaël R. Roskam : “Ja, er heerst een enorme solidariteit. En het is ook een beetje zo.  Die film is er ook gekomen door wat er in de lucht hing.  Dat is een formule die je niet kunt bedenken : goeie energie, goeie mensen, film maken, pers en publiek die enorm goed reageren op een toch niet bepaald evidente film, dat zijn allemaal beetjes die ons vooruitgeholpen hebben. Man, als ik de namen zou moeten opschrijven van de mensen die op de ene of andere manier hebben bijgedragen tot het succes, al is het maar een klein beetje, maar dat helpt.  Dat is het vlindereffect hé.  De vlinder en de storm.  Ik vind het te gek dat iedereen zich mee associeert met die film. Echt fantastisch.”

 

En nu nog de uitreiking van ‘Les Magrittes du Cinéma’. Een laatste plichtpleging voor het vertrek?

 

Michaël R. Roskam : “Neen, wel integendeel. Ik kijk daar nu eens enorm naar uit.  Het schijnt dat dat zo tof is. Matthias was daar vorig jaar. Ik moet ook wel zeggen dat ik heel trots ben dat we ook aan de Waalse kant omarmd worden. Dat doet enorm veel deugd.  Dat vind ik echt tof.  En daar ga ik nu wat van genieten.  Ik ga ervan genieten om als genomineerde op dat evenement te kunnen verschijnen. En er is natuurlijk nog de wedstrijd. Nu die Oscarnominatie binnen is, kan ik ook genieten van alle anderen hun prijzen, zonder zelf veel stress te hebben. Ik kan nu eens echt relaxen.  Ik hoop dat dit niet arrogant klinkt, want zo is het zeker niet bedoeld. Want pas op, bij de bekendmaking van elke prijs waarvoor we ook in aanmerking komen, zal ik weer hartkloppingen hebben. Want je wilt toch weer winnen.  Ik kijk er naar uit.”

 

Jullie hebben negen nominaties, dus jullie gaan er met een hele bende naartoe?

 

Michaël R. Roskam : “Ja, we gaan weer met veel volk zijn.  Maar ik heb vooral ook zin om nog eens mijn Franstalige collega’s te ontmoeten. Ik heb al eens heel kort Bouli Lanners ontmoet en ik kijk er naar uit om hem nog eens te zien. En ik verlang om eindelijk ook eens de gebroeders Dardenne de hand te kunnen schudden.  En om hen te bedanken voor de felicitaties die ze mij gestuurd hebben. En ook omdat ze zo sportief gebleven zijn in die strijd waar sommige media graag een conflict in hadden gezien. Ze zijn heel sereen gebleven.  Ik vind het heel chique dat ze ons niet in een situatie geduwd hebben die een onaangename nasmaak had kunnen hebben.   Maar het zijn mannen met klasse, dus ik had ook niets anders verwacht.”

 

En Sint-Truiden staat intussen ook op zijn kop.

 

Michaël R. Roskam : “Ja, daar zijn ze ook lichtelijk uit de bol aan het gaan.   Dat is tof hé.”

 

En is er nu nog tijd om aan film te denken?

 

Michaël R. Roskam : “Ik probeer dat nu wel te doen. Ik heb de laatste dagen echt gewerkt.  En alle pers te mijden om de boot varende te houden.  Mocht ik willen, ik kan momenteel elke minuut van mijn dagen vullen met interviews geven.   Ik heb nu ook in België even een persagente aangetrokken die het mediageweld wat tracht tegen te houden. Ik ben in ieder geval nieuwe projecten aan het voorbereiden. Ik heb vanmorgen en gisteren nog meetings gehad.  Ik probeer gewoon door te werken.”

 

Aan een Belgisch project?

 

Michaël R. Roskam : “Een Belgisch project, ja.  In L.A. ben ik enkele verkennende manoeuvres aan het uitvoeren om te zien of daar iets kan lukken.  Dat zou op zich wel tof zijn, maar ik heb het nog gezegd : voor mij is het doel ‘goeie films maken’, waar me ook die kans wordt geboden.”

 

Staat er nu een deadline op dat Belgisch project waarmee je bezig bent?

 

Michaël R. Roskam : “Ja, we proberen er toch een deadline op te zetten, maar eerder als een soort streefdatum voor onszelf, om een beetje structuur in het geheel te krijgen.  Maar de prioriteit is nu een Belgische film.”

 

En schrijf je die dan met acteurs in gedachten?

 

Michaël R. Roskam : “Jaja (lacht).  Er zijn twee projecten : ‘Le Fidel’ en een ander waar ik nog niet zoveel over kan zeggen, ook omdat het nog niet helemaal zeker is of het zal doorgaan.”

 

Met dezelfde producent, Bart Van Langendonck?

 

Michaël R. Roskam : “Ja.  Never change a winning team.”

 

Absoluut.

 

Michaël R. Roskam : “Unless they lose (lacht).”

 

Dus zaterdag kunnen al je medewerkers er maar beter voor zorgen dat ze een Magritte winnen.

 

Michaël R. Roskam : “Ze moeten allemaal winnen hé.  Nee, als er een paar winnen, is het goed.  Ik zou het tof vinden mocht Jeanne winnen, Jeanne Dandoy.  En Raf Keunen. Die twee.  Ze verdienen dat.  En Alain Dessauvage.  En euh… David Murgia.  Nee, maar er zijn een aantal mensen die ik graag gecompenseerd zou zien worden voor hun fantastische bijdrage aan de film. En dat is nu de kans.  Dat zou tof zijn.  Voor mij zijn het sowieso winnaars.”

 

 

In de categorieën ‘beste film’ en ‘beste regie’ kan je jammer genoeg niet meer winnen.

 

Michaël R. Roskam : “Nee, daar komen we niet in aanmerking, omdat het grootste deel van onze film met Vlaams geld gefinancierd is.  We komen alleen in aanmerking voor ‘beste co-productie’, als film waar er ook geld uit de Franstalige gemeenschap in zit.  Ik denk dat ik het daar uitsluitend tegen Vlaamse films opneem.  Maar in principe zou daar even goed een Duitse film tussen kunnen zitten.  Of een Franse film.  Of nee, dan is het weer Franstalig (lacht).  Ik weet het niet.  C’est la Belgique hein.  On sait jamais.”

 

Ik zie dat AFP al staat te trappelen om eraan te beginnen, ik zal je laten gaan. Je doet nu de hele tijd internationale interviews.  Wat zijn zo de raarste vragen waar ze mee komen aanzetten?

 

Michaël R. Roskam : “Ik moet eerlijk zeggen dat ik weinig verschil voel.  Met die uitzondering dat de meesten er niet van op de hoogte zijn dat die hormonenmaffia echt bestaat.  Meestal denken ze dat ik die bedacht heb (lacht)How did you invent them? Hun mond valt open als ik zeg dat die vorm van criminaliteit echt bestaat.  En ik krijg ook dikwijls vragen over de politieke situatie : Walen versus Vlamingen.  Ze zien in de film die Walen nogal racistisch uit de hoek komen naar de Vlamingen toe, terwijl het eigenlijk eerder andersom.  En dan willen ze weten : ‘Is this reality?’ En dan leg ik hen gewoon uit dat ik bepaalde elementen uit de realiteit gebruik en er wat mee lach.  Dat zijn zo de enige twee dingen waar ze iets meer informatie over vragen, terwijl die voor ons evident zijn.”

 

Frankrijk lijkt intussen ook te vallen voor ‘Tête de Boeuf’.

 

Michaël R. Roskam : “Ja, de pers is heel enthousiast.  De kritieken zijn zeer lovend.  Ook in Duitsland.  Maar dat garandeert helaas nog geen goeie box-office. Dat is het jammer.  Eigenlijk komt het allemaal op geld neer.  Je kunt goeie kritieken hebben, maar dat helpt niet meer.  Awareness creëer je tegenwoordig met alomtegenwoordigheid : affiches, trailer, clips, media.  De mensen moeten werkelijk om de oren geslagen worden met beelden uit en nieuws over je film.  Je moet er geld tegenaan kunnen gooien, zodanig dat iedereen die zin heeft om naar de film te gaan spontaan aan je film denkt.  Als ze aan de kassa moeten nadenken over hoe die film ook weer heette waar ze een goeie kritiek over gelezen hebben, dan schiet je daar maar weinig mee op.  De cinefielen zullen die titel aanduiden, maar het grote publiek staat daar echt niet bij stil.  Als je het dan moet opnemen tegen ‘A Separation’, dan weet je het wel.  Dat is een film die op de ene of andere manier wereldwijd heeft kunnen creëren wat wij voor ‘Rundskop’ in Vlaanderen hebben kunnen teweegbrengen.  Dat is gebeurd door de overwinning in Berlijn, en doordat het dan nog eens een film is die uit een land komt dat al jaren aan de rand van een oorlog staat.”

 

‘Bullhead’, zo heet ‘Rundskop’ aan de andere kant van de oceaan, komt nu ook uit in Amerika.

 

Michaël R. Roskam : “Ja, vervroegd, op 17 februari.  Een beperkte release in de grote steden. Met het oog op de Oscars.  Om onze kansen te vergroten. Er moeten uiteindelijk 600 man gaan kijken naar die film.  En hoe meer van die 600 Academy Members de film zien, hoe groter onze kans.  De concurrentie doet hetzelfde, je kunt niet achterblijven.  Ik geloof zelfs dat alle vijf de genomineerden voor de beste buitenlandse film op dezelfde dag uitkomen, in limited release of in rerelease.  ‘A Separation’ is uit geweest, maar komt opnieuw uit op dezelfde dag.  Dus ja,

hé.”

Zie ook :

Gesprek na de bekendmaking van de shortlist

Gesprek met monteur Alain Dessauvage

Gesprek met componist Raf Keunen

Gesprekken na de Vlaamse Filmprijzen

(foto’s Vlaamse filmprijzen : Pieter Clicteur)

 

Bekijk ook

Schilders op Docville!

Ook dit jaar strijden er weer tien documentaires op DOCVILLE voor de titel van Beste …